Deel 2: Drogen van je werk

Platen klei drogen.

Als je een plaat klei aan de lucht laat drogen, zal deze krom trekken. Dit komt door verschillende redenen. Als je een plaat uitrolt van een stuk klei, zullen de kleiplaatjes na verloop weer in de oude positie willen gaan staan, en dat is nooit recht. Lomer de bovenkant en de onderkant daarom in verschillende richtingen. Dit zorgt ervoor dat de bovenste kleiplaatjes recht gaan liggen. Bijkomend voordeel is dat beide kanten een gesloten laag krijgen waardoor ze beide even gelijkmatig drogen.

 PLaat klei drogen

 

Een enkele plaat drogen

Leg je plaat op een paar lagen kranten en leg die weer op een rechte plaat hout. Je kunt ook een doek gebruiken. Op de plaat klei leg je ook weer kranten (of een doek) en daarop weer een plaat hout. Vervang de kranten (of het doek) om de twee dagen.

 

Ik maak leerharde platen op dezelfde manier. Alleen haal ik de plaat klei er na twee dagen al uit. Bij meerdere platen gebruik ik een grotere doek die ik steeds bij elke plaat er tussen leg. Ik stapel dan de platen op elkaar, grootste onder en de kleinste boven.

Meerdere platen tegelijk drogen

 

Meerdere platen drogen

Krantenpapier in je beeld

Veel keramisten, waaronder ik, gebruiken papier in hun beelden om te zorgen dat een hol object niet ineenstort door het gewicht van de klei. Als ik een hoofd maak, vul ik de lege ruimte op met alleen maar papier. Ik pak het niet in plastic. Het papier zal dan het eerste vocht uit de klei trekken.

 

Alleen papier kan zijn vocht niet eerder kwijt dan dat de klei aan het drogen is. Dat wil dus zeggen dat tijdens het transporteren van het vocht naar buiten in de klei, nieuw vocht wordt aangevoerd door het papier naar de klei. De enige oplossing is om het papier weg te halen, waardoor je het drogen aanzienlijk versnelt.

 De schedel gelicht

 

Een beeld dat net boven de ogen is open gesneden

Ik doe dat regelmatig. Ik snij met de draad net boven de ogen het schedeldak er af. Het heeft ook nog een bijkomend voordeel, als ik het papier weg heb gehaald, kan ik het hoofd aan de binnenkant verder op dikte uithollen. Dit voorkomt ook weer problemen tijdens de kwartssprong. Het dikkere gedeelte heeft meer moeite om goed door de kwartssprong te gaan en heeft ook meer tijd nodig om op temperatuur te komen.

 

Let wel op. Doe dit pas wanneer je klei aangesterkt is. Doe je het te vroeg, dan zal je beeld te veel vervormen en misschien in elkaar zakken.

 In het hoofd

 

Hier kun je mooi de binnenkant zien

Wanneer is het droog?

Er zijn een aantal trucjes voor. Als klei goed droog is, wordt het wit (althans bij wit bakkende klei). Klei mag niet koud aanvoelen, dan zit er nog vocht in. Dat kun je voelen door met je wang tegen het object aan te houden. Als je je lippen vochtig maakt en tegen het object aanhoudt, moeten je lippen blijven plakken, omdat de klei het vocht uit je lippen trekt.

 

Tijdens een droogstook (je werk droogstoken in de oven) kun je het vochtgehalte controleren door er een spiegeltje of een stukje glas te houden voor de ontluchting bovenop de oven. Zet hem dan eerst even uit, en controleer het dan na een minuut of vijf. Gebruik geen bril, het glas raakt beschadigd door de stoffen die uit de uitlaat komen.

 

Wat is nu de techniek?

En dit is dus de techniek. Ik dek mijn objecten in de tussenfases af met een plastic vuilniszak. Om te zorgen dat het object niet beschadigd, dek ik het eerst af met huishoudfolie. Wanneer het object af is, zet ik het eerst voor een paar dagen weg in een plastic zak. Zo zorg ik dat er in de zak een vochtige omgeving ontstaat, waardoor alles even vochtig wordt en uiteindelijk ook blijft.

 

Dan haal ik de zak voor een paar uur van het object af om te drogen. Nu droogt de buitenrand. Na een paar uur gaat de zak weer om. Ik keer hem binnenste buiten om het te veel aan vocht buiten de zak te houden. Ik wil immers geen vocht aan de klei toevoegen, maar het juist weghalen.

Net de zak er af gehaald

 

Hier heb ik net de vuilniszak er af gehaald. In de cirkel zie je het vocht

Opnieuw ontstaat er in de zak weer een vochtige omgeving. Het vocht in de klei kan weer rustig balanceren met de buitenkant van de klei en met de omgeving in de zak. Na een paar dagen herhaal ik het en kijk goed naar de dunnere gedeeltes van mijn object. Gaat het te snel, dan spuit ik met de plantenspuit nog wat vochtig op de delen die het nodig hebben. Zo gaat het proces voort, totdat het droog is….

Ps: nog een tip van een collega keramist

Marieke, een collega van mij, kwam nog met een mooie tip. Grote objecten droogt ze in een soort tent. Gebruik daarvoor vier emmers met grond en zet daar, in elke emmer, een stok. Daaroverheen kun je dan plastic draperen. Zo raakt het je werk niet en droogt het gelijkmatig. Zij gebruikt voor de eerste kou, een klein kacheltje. Na een paar dagen maakt ze een gat in de ovenkant. Zo kan langzaam het vocht de tent verlaten via het gat. Mooi werk! 

Een kunst?

Zoals je gezien heb, is drogen ook een kunst. Maar met deze tips zal het je waarschijnlijk een stuk beter afgaan. Neem er de tijd voor, want drogen is net zo belangrijk als het bouwen. In combinatie is het een succesformule voor een geslaagd object. Succes!